![]() |
|||||
|
Als de mens het beste probeert, |
|||||
|
Mijn welbeminden! De HEILAND zei: ‘Bemint uw vijanden; doet wel aan die u haten! En zo gij alleen uw broeders groet, wat bijzonders doet gij dan wel? Doen dat ook de heidenen niet?’ Hoe zwaarder het je valt iemand een bewijs van liefde te geven, des te groter wordt de daad. Maar je kunt het doen omdat je weet dat je het aan de HEILAND geeft. ‘Voorwaar, Ik zeg u: Wat gij voor één van mijn geringste broeders gedaan hebt, dat hebt gij voor Mij gedaan.’ (Matth. 25,40) Naastenliefde moet ook altijd zo zijn dat het de ander niet wegdrukt. Het is geen ware naastenliefde, als ik voor de ander een goede daad doe zoals ik het juist vind, maar dat het voor de ander aannemelijk is. ‘Ieder van ons moet het welzijn van de naaste zoeken, om hem te stichten.’ (Rom. 15,2)
Spreken is zilver, maar zwijgen is goud ‘Als je spreekt dan moet je betoog beter zijn dan je zwijgen zou zijn geweest!’ De mensen spreken en spreken en ontlasten zich of vervallen in herhalingen, niet pas op hoge leeftijd omdat ze het vergeten zijn. Een telefoon heeft twee hoornen – om te luisteren en te spreken. Wie anderen niet aan het woord laat komen is meestal iemand die slecht luisteren kan, die eigenlijk nooit of zelden beschouwt en weinig in stilte overdenkt. Zo is het ook tegenover GOD. Wanneer je Hem alleen toespreekt en niet naar hem luistert, hoe moet Hij je dan te kennen geven wat Hij van je wil? Als je met GOD of ook de Moeder Gods spreekt, zwijg daarna een tijdje en denk na, luister scherp naar je hart. GOD heeft immers ieder mens, of hij begenadigd is of niet, een mooi geschenk gegeven: de fantasie. Hij kan je fantasie verlevendigen en stimuleren. Verblijf dagelijks een paar minuten in stilte, kerk, natuur of thuis, laat je gedachten over GOD gaan, kijk Hem aan. Ik kan je zeggen, je gaat opgevuld en tevreden weg.
GOD geeft vrede GOD geeft altijd als je het beste probeert. Zei de HEILAND niet iedere keer als Hij bij mensen kwam: ‘Vrede zij met u! Vrede zij met dit huis!’ Voor mij is het in ieder Heilig Misoffer zo belangrijk, en het komt uit de grond van mijn hart, te zeggen: ‘Vrede zij met en onder jullie!’ Ik bedoel niet mijn vrede, maar Gods vrede. Als Bisschop kan ik Zijn vrede, Gods vrede, verdergeven. Je hart moet er open voor zijn en de genade vindt de weg naar je hart. Indien niet, dan is naar het schijnt iets in je binnenste verstokt, verstopt. Er is daarvoor een wonderbaarlijk middel om zich te reinigen – de heilige Biecht. Ik kan het niet verklaren, hoezeer het mij aangrijpt en verblijdt als iemand in zijn leven orde schept en probeert GOD te beminnen en te verblijden. Amen! Uittreksel preek van 1 januari 2008
|
|||||